SOCIALE MEDIA NIET ZO EEN SCHOT IN DE ROOS?

Voel je je ook wel het middelpunt van pesten?

Pesten en cyberpesten zijn helaas nog steeds aan de orde bij kinderen en jongeren. Hoewel het belangrijk is om voor jezelf op te komen en je zelfvertrouwen te vergroten, kan dit soms moeilijk zijn. Pestgedrag kan namelijk een grote invloed hebben op iemands gevoel van eigenwaarde en het kan lastig zijn om de pester te laten zien dat hij geen macht over je heeft. Ook kan het zoeken van steun of hulp op school of werk lastig zijn, omdat dit gevoelens van schaamte en angst voor represailles kan oproepen.

De gekende cijfers

Tegenwoordig wordt er op veel scholen aandacht besteed aan pesten en het voorkómen ervan. In 2016 had bijvoorbeeld 95% van de basisscholen en 97% van de middelbare scholen een pestprotocol. In dit jaar werd 10% van de basisschoolleerlingen gepest, en gaf 3% van hen aan zelf (ook) te pesten. Op het voortgezet onderwijs geeft 8% aan gepest te worden, en is 4% (ook) dader van pesten. Vergeleken met twee jaar eerder is het aantal daders en slachtoffers van pesten afgenomen. Dit geldt op zowel het basis- als het voortgezet onderwijs.
Persoonlijk pesten, zoals aanraken of mondeling pesten, is de vorm die het meest voorkomt. Cyberpesten vindt amper plaats in het basisonderwijs, maar staat in het voortgezet onderwijs op de tweede plek.

0

op de 10 leerlingen op het basisonderwijs wordt gepest

0

op de 20 jongeren op het voortgezet onderwijs wordt gepest.

0

op de 5 jongeren wordt online gepest.

0

% van de studenten wordt gepest.

Sociale-informatieverwerking

Kinderen die gepest worden, hebben een andere manier van verwerken van sociale informatie dan anderen. Ze zijn meer alert op agressieve signalen, wat kan leiden tot een onjuiste inschatting van situaties en het snel interpreteren van andermans gedrag als vijandig. Hierdoor denken ze bijvoorbeeld dat iemand opzettelijk tegen hen aan botst, terwijl het ook per ongeluk kan zijn gebeurd. Door deze verkeerde interpretaties reageren ze vaak op een ineffectieve manier, zoals vermijden, agressie of niet-assertief gedrag. Dit soort sociaal onaangepast gedrag kan de kans vergroten dat ze opnieuw slachtoffer worden van pesten en niet geaccepteerd worden door anderen.

De gevolgen

Pesten kan leiden tot ernstige psychische problemen zoals depressies, angststoornissen en suïcidale gedachten. Bovendien kan het een gebrek aan sociale contacten, financiële problemen en een slechte levenskwaliteit veroorzaken. Er is ook bewijs dat pesten op jonge leeftijd kan leiden tot gezondheidsproblemen op volwassen leeftijd, zoals overgewicht en eetstoornissen. Deze effecten kunnen toenemen naarmate het pesten langer duurt. Deze bevindingen benadrukken het belang van preventie en interventie bij pesten. Het is van cruciaal belang om acties te  ondernemen om het te stoppen en te voorkomen.

Samen staan we sterk tegen cyberpesten!

Cyber pesten hoe gaan we ermee om?

De coronacrisis heeft geleid tot meer tijd online doorbrengen, waardoor cyberpesten een grotere bedreiging is geworden. Nu meer dan ooit is het belangrijk om bewust te zijn van cyberpesten en de impact ervan, en om samen te werken om een veilige en respectvolle online omgeving te creëren voor iedereen.

Jongeren vertellen

(Online)pesten

VRT Nws

1

Wat kun je doen om (cyber)pesten te voorkomen?

Het helpt om een kind weerbaar te maken. Praat met kinderen over wat zij doen op internet en maak afspraken:

  • Deel nooit privégegevens, zoals naam, adres, telefoonnummer of de naam van je school
  • Verzin (samen) een goede nickname
  • Scherm je profiel zoveel mogelijk af; ‘alleen voor vrienden’ is de beste optie
  • Plaats alleen neutrale foto’s (geen sexy foto’s) of beter nog; helemaal geen foto’s waarop je gezicht herkenbaar is
  • Wees selectief in het accepteren van een vriendschapsverzoek; doe dit alleen wanneer je iemand in het echte leven ooit hebt ontmoet
  • Verwijder onbekende mensen uit je vriendenlijst
  • Houd wachtwoorden en inloggegevens altijd geheim: ook voor je beste vrienden
  • Niet schelden en geen mensen kwetsen, dat zou je in het echt ook niet doen
  • Heb je iets vervelends gezien of meegemaakt? Vertel het aan iemand die je vertrouwt, bijvoorbeeld een ouder, buurvrouw of leerkracht. 
2

Wat kun je doen om (cyber)pesten aan te pakken?

Krijgt een kind toch te maken met online pesten, doe dan het volgende:

  • Complimenteer dat het kind naar je is toegekomen
  • Een kind dat wordt gepest, heeft in eerste instantie behoefte aan steun
  • Luister naar hem/haar en neem zijn/haar verhaal serieus
  • Onderneem niet meteen actie
  • Bedenk eerst (samen met je kind) wat de beste aanpak is
  • Stap pas na overleg met het kind naar school en/of ouders en/of andere partijen
  • Pak internet (of de computer of tablet) niet af. Het lijkt misschien een oplossing, maar het is oneerlijk om een kind zo’n zware straf te geven terwijl hij/zij eigenlijk slachtoffer is

Adviseer het kind om het volgende te doen:

  • Reageer niet op de posts, berichtjes of filmpjes
  • Bewaar alle posts, berichtjes of filmpjes. Sla ze op of maak er screenshots/foto’s van. Het kan dienen als bewijsmateriaal
  • Aangifte doen? Kijk dan op vraaghetdepolitie.nl
  • Blokkeer degene die je lastig valt
  • Staan de filmpjes of berichten op een platform of website? Benader de eigenaar en vraag om het materiaal te laten verwijderen (maak eerst foto’s als bewijsmateriaal)
3

Hoe moedig je (pro)sociaal gedrag aan?

Tegenwoordig zijn online trollen of gemene berichten niet meer weg te denken van (sociale) media. Hoe kun je juist positief en online prosociaal gedrag stimuleren?

Wat is prosociaal gedrag?

Prosociaal gedrag is dat wat je doet om anderen te helpen of zich beter te laten voelen. Dit gebeurt in het echte leven en online. Denk bijvoorbeeld aan online iemand opvrolijken of troosten, reageren op berichten waarin mensen om hulp vragen, geld doneren of een petitie ondertekenen.

Bitescience heeft op basis van wetenschappelijk onderzoek verschillende manieren op een rijtje gezet om online prosociaal gedrag aan te moedigen:

  1. Geef het goede voorbeeld. Wanneer je iemand ziet die iets aardigs doet voor een ander, zoals iemand troosten, werkt dat aanstekelijk. Rolmodellen (zoals leraren, ouders of influencers) hebben dus veel invloed.
  2. Geef positieve feedback. Doet iemand iets aardigs voor een ander? Laat het weten! Bijvoorbeeld met een reactie op Instagram of een offline compliment
  3. Bied sociale steun. Online of offline steun kan veel voor een ander betekenen. Als je je online gesteund voelt, gedraag je je ook prosocialer naar anderen toe
  4. Train mindfulness. Mindfulness is de vaardigheid om bewust aanwezig te zijn in het hier en nu zonder te oordelen. Dat zorgt ervoor dat je eerder anderen wilt helpen en dat je online berichten beter kan begrijpen.
  5. Creëer verantwoordelijkheidsgevoel. Als je iemand verantwoordelijk maakt voor het eigen gedrag, zal diegene minder snel meedoen met het slechte gedrag van anderen
  6. Versterk het zelfvertrouwen in online en offline sociale vaardigheden. Als je je offline zelfverzekerd voelt, zal je dat online ook sneller zijn
  7. Kijk en luister naar betekenisvolle media, zoals inspirerende films of podcasts. Daardoor voel je je meer verbonden en kun je meer met anderen meeleven

Begin met typen en druk op Enter om te zoeken

Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.